Goedemorgen! Als jij mij nu je gulste glimlach stuurt, zend ik jou de mijne!

DE  SCHRIJVER

Door de jaren heen heb ik diverse korte verhalen en columns geschreven. En onlangs heb ik zelfs mijn debuutroman geschreven: "Het Collectief" genaamd. Meteen daarna ben ik doorgegaan met schrijven en heb een tweede voltooid: "Voordat u gaat". Beiden zijn fictieve romans en hebben iets met lekker eten te maken. In de eerste roman is de hoofdrolspeler eigenaar van een bedrijf in horeca keukens en apparatuur en in de tweede is de hoofdpersoon kok en eigenaar van een restaurant. Leesvoer om van te smullen dus!

Beide boeken heb ik nu aan enkele uitgeverijen aangeboden in de hoop dat ze ooit uitgegeven worden. Mocht er iemand zijn die dit leest en interesse in een van mijn boeken of korte verhalen heeft, neem dan even contact op via info@gertdegoede.nl of 0413-260890

*Voor de liefhebbers; hier kunt u vast een stukje lezen uit mijn fictieve debuut roman: "Het Collectief":. https://lnkd.in/dB3aTY5n
*Deze spannende roman speelt zich vooral af in #Uden #Veghel #Nistelrode en #Maastricht

 

Gert de Goede schrijver cartoonist kunstenaar Van der Valk Uden kunst roman fictie  typen laptop

Dirkie. Kort verhaal.

Dirkie lag opgerold in zijn mand te genieten. Aan het nagenieten van alles wat er vandaag gebeurd is. Nagenieten van de heerlijke en copieuze maaltijd die zijn oude, getergde lichaampje verwarmde. Eindelijk brak zijn verzorgde oude dag aan. Dit was waar hij al die tijd naar verlangd had. Terug bij zijn oude baasje. Zijn lieve baasje. Zijn goede baasje dat vanaf nu weer thuis zou wonen. Hij sprong uit zijn mand, liep naar hem toe en sprong op schoot. Het baasje kroelde even lekker in zijn nek en fluisterde lieve woordjes. Dirkie was gelukkig.

Vanmorgen wist Dirkie dat hij zijn geteisterde lijfje zou moeten bevrijden van het juk dat op zijn kleine schoudertjes rustte. Hij was het zat. Het vrouwtje dacht dat hij maar een eenvoudige, stomme hond was. Maar dat had ze mooi mis! Hij was écht niet stom: hij was alleen klein. En kwetsbaar. Maar zijn bovenkamertje werkte prima! Vroeger was het wél leuk in huis. Toen woonde het baasje ook nog hier in huis. Die was wél lief! Die was echter slim geweest. Die was lekker gevlucht toen hij de kans kreeg. Gescheiden van dat kreng! Jammer genoeg echter nam het baasje hem niet mee. Hij had geen plaats op dat kleine flatje van hem. De enige in huis die nog een beetje van hem hield was het meisje. Het meisje was degene die hem zijn eten gaf, hem uitliet en zo nu en dan een aai over zijn bol gaf. Maar ook dat kwam slecht sporadisch voor. Op schoot kon hij niet meer liggen, want zodra het meisje thuis kwam pakte zij haar openklaphuisdier, laptop en legde die op schoot. Dirkie had wel eens geprobeerd te vechten met dat stomme ding, maar die had toen in alle talen gezwegen. En dat terwijl er normaal gesproken de meest vreemde geluiden uitkwamen. Het was vast een soort van schildpad. Hij had er destijds bijna zijn tanden op gebroken, zó hard was dat beest.

Aan de jongen hier in huis had hij ook niet veel. Die was zelden thuis, en als hij al thuis was zat hij boven op zijn kamertje. Om maar bij dat kreng van zijn moeder weg te blijven. Altijd maakten die twee ruzie. Het vrouwtje maakte trouwens met iedereen ruzie. En als ze geen ruzie maakte liep ze op Dirkie te vitten. Of ze schopte hem opzij. En als hij dan per ongeluk eens jankte of blafte van pijn, dan kon hij nog een knal voor zijn kop krijgen ook. Maar vandaag zou hij wraak nemen. Straks moest hij naar de dierenarts voor zijn jaarlijkse spuitje tegen hondsdolheid. Die rotspuit, waar hij altijd zo suf van werd. En de enige die hem kon brengen was het vrouwtje. Dirkie had een plan. Daar riep ze hem al! “Dirkié! Kom op stom beest! Schiet eens op, we hebben geen uren de tijd! We moeten gaan.” Dirkie liet zich oppakken en in de auto gooien. De auto startte en ze reden weg. Het vrouwtje reed hard. Véél te hard, en Dirkie werd van de ene naar de andere hoek geslingerd. Even speelde hem door het hoofd om het vrouwtje eens lekker in haar nekvel te bijten, maar dat was te gevaarlijk. Straks reden ze ergens tegenaan en dan zou hij, Dirkie, misschien ook wel sterven. En dat was vanzelfsprekend niet de bedoeling. Dirkie wachtte hotsebotsend, maar geduldig zijn kans af.

In de wachtkamer was het rustig. Het stonk er naar kattenpis en nat hondenhaar. In de hoek lag een enorme, rode kat. Het beest keek hem uitdagend aan. Normaliter had Dirkie allang gereageerd en was er op afgesprongen om dat brutale beest een lesje te leren, maar vandaag hield hij zich in. Het vrouwtje was quasi lief voor hem en aaide hem over zijn bolletje. Ja: voor de buitenwereld deed ze nu even alsof Dirkie het liefste hondje op de wereld was. Men moest eens weten! Dirkie was nerveus. Hij zat te trillen op de schoot van het vrouwtje. Hij kreeg een stiekeme, harde por in zijn ribben. Hou op siste het vrouwtje venijnig. Even kwam er een satanische blik op haar gezicht, maar snel herstelde ze zich en zette haar liefste glimlach weer op. Dingdong! Gelukkig: ze waren aan de beurt.

De dierenarts was lief. Voorzichtig tilde ze hem op de tafel en keek hem even na. Ze keek in zijn bek en voelde aan zijn pootjes. Wacht even: auw, dat deed zeer! De dierenarts zat aan het pootje dat hij gisteren zo bezeerd had toen hij zogenaamd in de weg lag. Het vrouwtje had hem zo de kamer door geschopt. Hij was zo hard tegen de muur gekwakt dat hij zelfs even buiten westen geweest was. Ze was niet eens bij hem komen kijken toen hij daar zo voor dood lag. Nee, ze ging haar minnaar bellen. De heks! Maar dit was de druppel geweest. Dirkie wist dat het zo niet verder kon en hij besloot een einde aan zijn kwelling maken. En toevallig moest hij nu naar de dierenarts. In zijn koppie broedde het plan.

 

De dierenarts was klaar met haar onderzoek. Ze vroeg: is hij onlangs hard gevallen of zo? Zijn pootjes lijken enigszins gekneusd. Ja, het arme beestje is van de week uit het raam gevallen sprak het vrouwtje. Maar het viel gelukkig mee. Hij stond uit zichzelf op en liep zo te zien ongeschonden weg. Dirkie hoorde de valsheid in haar stem. De lieve dierenarts hoorde het ook. Maar wat kon ze doen? Ze vroeg nog wat verder, hem ondertussen aaiend. Dirkie likte de hand van de dierenarts. Ze wist dat Dirkie mishandeld werd, maar kon het nooit echt bewijzen.

 

Ze draaide zich om, pakte het spuitje en vroeg het vrouwtje om Dirkie goed vast te houden. Die deed hem de riem aan en hield hem stevig vast. Zo vast dat het zeer deed. De dierenarts kwam dichterbij met de spuit. Op het moment dat ze hem de injectie toe zou dienen draaide Dirkie zijn kop, pakte met zijn bek de hand met de injectienaald en liet de geschrokken dierenarts de injectie in de arm van het vrouwtje leegdrukken. Snel sprong hij de tafel af en trok het vrouwtje, die de uitwerking van het spuitje al begon te voelen, met zich mee, dwars door de wachtkamer en het voorportaal naar buiten de straat op. Dirkie had geluk. Er kwam juist een auto met volle snelheid aangereden. Dirkie rende als een dolle de weg op voor de auto, het vrouwtje achter zich aanslepend. Klap! Boem, beng! De auto kwam met piepende banden tot stilstand. En het vrouwtje lag eronder. Morsdood. Haar schedel was verbrijzeld en alles zat onder het bloed. En Dirkie lag ernaast. Tevreden. Hij had weliswaar wat extra blauwe plekken, maar hij leefde nog. Dirkie voelde zich bevrijd. Hij lachte. Maar dat kon niemand zien.

 

Even leek de wereld stil te staan door het gelukzalige gevoel dat over zijn ruggengraatje sidderde. Heel even maar. Toen kwam alles en iedereen in beweging. Dirkie werd voorzichtig van zijn riem bevrijd en iemand tilde hem op. Het was de dierenarts. Ze aaide hem over zijn bolletje. Rustig maar lief beest sprak ze. Ik zal je wel even binnenbrengen en dan bel ik je baasje wel op. Dan kan hij je straks ophalen. En ik zal niemand vertellen wat er werkelijk gebeurd is. Dapper hondje! Groot gelijk! Het kreng heeft gekregen wat ze verdiende. De dierenarts drukte Dirkie zacht tegen haar borst en kuste hem zacht op zijn neusje. Ze nam hem mee naar binnen en legde hem voorzichtig in een hok. Voor ze wegging aaide ze hem nog even en legde een dekentje over hem heen. Dirkie viel in slaap. Een gelukkige, droomloze slaap.

Gert de Goede schrijver OonivoO restaurant Uden Michelinster Markt eten lekker cartoonist kunstenaar illustrator vrolijk